Niemand minder dan Luc Vandeplas, de Hoegaardier die al meer dan een halve eeuw het kloppend hart vormt van ’t Paenhuys, maar ook van onze cultuur en tradities, werd in de bloemetjes gezet en opgenomen in de orde van Sint-Gorgonius. “Luc is iemand die niet alleen aanwezig is, maar altijd meedoet, meedenkt en mee vooruitduwt.”
“We kunnen niet alles opnoemen wat Luc aangeraakt heeft, maar we gaan toch enkele noemen”, zegt burgemeester Joris Verbaeten. “Als we teruggaan naar 1970, zien we Luc als actief lid van Getegalm, de studentenkring en eigenlijk al van alles wat jong en levendig was. Een paar jaar later, in 1972, stond hij mee aan de start van wat later zou uitgroeien tot hét ontmoetingscentrum van onze gemeente: ’t Paenhuys. Vanaf de dag dat de kelder werd ingenomen, stond Luc er.”
In 1976 kwam hij in de beheerraad van vzw ’t Paenhuys terecht en werd hij voorzitter van de jongerenraad. “Dat waren geen titels om mee te pronken, dat waren engagementen, en dat heeft hij heel zijn leven volgehouden.” “In1997nam hij het voorzitterschap van ’t Paenhuys over van Frans Huon, en sindsdien is zijn naam onlosmakelijk verbonden met alles wat ’t Paenhuys betekent: creativiteit, gemeenschapszin, koppige doorzetting én een gezonde dosis goesting.”
Maar Luc was en is veel meer dan ’t Paenhuys alleen. “Hij is actief in allerlei clubs en was ook praeses van de Paenhuyscantus, in opvolging van niemand minder dan Franand Huts. Kort samengevat: als er ambiance was, was Luc nooit ver weg en stond hij meestal op het podium. Ook binnen de gemeente liet hij zijn stem horen. Als bestuurslid van de eerste gemeentelijke cultuurraad hielp hij mee de culturele koers uitzetten, lang voordat cultuur een vanzelfsprekendheid was”, wist de burgemeester lovend over Luc te vertellen.
Luc Vandeplas ontving in het gemeentehuis, bij verrassing, de medaille en de oorkonde van Sint-Gorgonius voor zijn inzet in de gemeenschap. De plechtigheid werd geleid door burgemeester Joris Verbaeten en schepen Marleen Lefevre. in aanwezigheid van vele vrienden. Luc Vandeplas is vanaf 1970 actief bij Getegalm, de studentenkring, en was in 1972 bij de start van jeugdhuis/ontmoetingscentrum ’t Paenhuys. Vanaf 1976 is hij lid van de beheerraad van vzw Paenhuys en voorzitter van de jongerenraad. In 1997 volgt hij Frans Huon als voorzitter van vzw Paenhuys. Hij zetelde van 1976 ook in het bestuur van de gemeentelijke cultuurraad. Sedert 1993 is hij scenarist/muzikant bij De Totale Waanzin (revue De Armistice, liedteksten, cd’s, filmopnames, …). Hij lanceerde acties voor de erkenning van Hoegaards dialect als immaterieel onroerend erfgoed (bijvoorbeeld: de straatnaamborden, het volkslied). Ook werd de Palmzondagtraditie opgenomen in de lijst van Vlaams Immaterieel Erfgoed. Luc is ook apostel Andreas in het genootschap der Twaalf Apostelen.
Met een smoes werd Luc Vandeplas maandagavond naar het gemeentehuis van Hoegaarden gelokt. Onder luid applaus van de vele mensen in de raadzaal werd hij opgenomen in de Orde van Sint-Gorgonius, een eer die wordt toegekend aan personen die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor Hoegaarden.
“Vandaag zetten we iemand in de bloemetjes die al meer dan een halve eeuw het kloppend hart vormt van het Paenhuys, van onze cultuur en van onze tradities, iemand die niet alleen aanwezig is, maar die altijd meedoet, meedenkt en mee vooruit duwt”, zei burgemeester Joris Verbaeten (CD&V) bij aanvang van de viering. “Ik heb het natuurlijk over Luc Vandeplas.”
In 1970 werd Luc actief lid van Getegalm, de studentenkring, en een paar jaar later, in 1972, stond hij mee aan de start van wat later zou uitgroeien tot hét ontmoetingscentrum van de gemeente, ‘t Paenhuys. In 1976 kwam hij in de beheerraad van vzw Paenhuys terecht én werd hij voorzitter van de jongerenraad. “Dat waren geen titels om mee te pronken, dat waren engagementen, en dat heeft hij heel zijn leven volgehouden”, zegt burgemeester Verbaeten. “In 1997 nam hij het voorzitterschap van de ‘t Paenhuys over van Frans Huon, en sindsdien is zijn naam onlosmakelijk verbonden met alles wat Paenhuys betekent: creativiteit, gemeenschapszin, koppige doorzetting én een gezonde dosis goesting.”
De Totale Waanzin
Maar Luc was en is veel meer dan ‘t Paenhuys alleen. Hij is actief in allerlei clubs en was ook praeses van de Paenhuyscantus. Ook binnen de gemeente liet hij zijn stem horen. Als bestuurslid van de eerste gemeentelijke cultuurraad hielp hij mee de culturele koers uitzetten, lang voordat cultuur een vanzelfsprekendheid was. “En dan is er natuurlijk De Totale Waanzin waar Luc sinds 1993 het brein, het hart en soms ook de chaos achter de schermen is”, zegt schepen Marleen Lefèvre (CD&V). “Liedteksten, scenario’s, films, revues: alles wat een publiek doet lachen, denken of zingen, daar heeft hij zijn hand in.”
Daarnaast zette Luc zich met evenveel overtuiging in voor het behoud van het Hoegaards dialect en Hoegaardse tradities: van straatnaamborden tot het volkslied, van de erkenning als immaterieel erfgoed tot het koesteren van Palmzondag. Want wie zijn verleden bewaart, bouwt aan zijn toekomst en dat heeft Luc altijd begrepen.
Apostel Andreas
“En dan is er nog iets waar hij bijzonder trots op mag zijn: zijn plaats binnen het Genootschap der Twaalf Apostelen, waar hij sinds 1983 lid van is, en sinds 1991 de rol van apostel Andreas draagt”, aldus schepen Lefèvre. “Een titel die hij, zoals alles wat hij doet, met eer en vooral met veel plezier draagt.”
Luc was verrast een volle raadzaal te zien. “Dit had ik niet verwacht”, reageert Luc. “Hoegaarden is iets speciaals, met een eigen identiteit, vooral te danken aan mensen uit het verenigingsleven. We hebben hier een heel actief verenigingsleven dat mensen samenbrengt. We zijn allemaal fier om Hoegaardier te zijn.”
HOEGAARDEN – Opname in de Orde van Sint-Gorgonius is een eer die wordt toegekend aan personen die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor Hoegaarden. In het gemeentehuis werd deze onderscheiding nu toegekend aan Luc Vandeplas. De raadzaal zat afgeladen vol en iedereen zat in stilte te wachten tot Luc binnenkwam, want hij was de enige die er niets van afwist. Hij was met een smoes over het Hoegaards dialect naar daar gelokt. De lichten van de raadzaal waren zelfs gedoofd, maar toen hij binnenkwam gingen de lichten aan en klonk oorverdovend applaus.
Burgemeester Joris Verbaeten: “Luc je bent meer dan een halve eeuw het kloppend hart geweest van ’t Paenhuys. In 1970 was je actief lid van Getegalm, in 1972 stond je samen met Frans Huon aan de start van wat zou uitgroeien tot ’t Paenhuys, in 1976 kwam je in de beheerraad van vzw ’t Paenhuys en werd je voorzitter van de jongerenraad. In 1997 nam je dan het voorzitterschap over van Frans Huon. Creativiteit, gemeenschapszin, koppige doorzetting en een gezonde dosis goesting, dat was Luc”.
“Maar je was meer dan ’t Paenhuys alleen. Je was actief in allerlei clubs, ook als praeses van de Paenhuys cantus. Overal waar ambiance was, was Luc nooit ver weg, meestal op het podium. Ook binnen de gemeente liet hij zich horen, als bestuurslid van de eerste cultuurraad”.
TOTALE WAANZIN
“Er is dan natuurlijk de Totale Waanzin;, waar Luc sinds 1993 het brein, het hart en soms ook de chaos achter de schermen is. Liedteksten, scenario’s, films, revues, alles wat een publiek doet lachen, denken of zingen, daar heeft hij zijn hand in.”
“Daarnaast zette hij zich met veel overtuiging in voor het behoud van ons dialect en tradities: van straatnaamborden tot volkslied, van de erkenning als immaterieel erfgoed tot het koesteren van Palmzondag”, voegde schepen Marleen Lefevre eraan toe. “Als er en Hoegaardse canon zou bestaan, dan zouden daar alle liedjes van de Totale Waanzin in passen”.
APOSTEL
“Luc mag ook trots zijn op zijn plaats binnen het Genootschap der Twaalf Apostelen, waar hij sinds 1993 lid van is en sinds 1991 de rol van apostel Andreas draagt. Luc, je bent een bouwer, een verbinder, een verhalenverteller, een muzikant, een aanstoker van ideeën en soms van lichte waanzin. Je hebt onze gemeenschap mee gevormd, generaties geïnspireerd en tradities doorgegeven. Daarom verheffen wij u in de orde van Sint- Gorgonius”, aldus burgemeester Joris Verbaeten.
Hij kreeg een medaille en oorkonde, uiteraard in het dialect opgesteld, met volgende tekst: ‘Dàjzen dàg, 17 novèmber 2025 – És oepgenàwme in de Orde van Sinte-Gorgàwniejus – Meniejer Luc Vandeplas mé als adrès Sluppe Nr 10.
Volgende personen werden in het verleden al opgenomen in de Orde van Sint- Gorgonius: Pierre Celis, Ivan Laloup, Geert Clement, Clara Bessemans, Jan Dewachter, Gaston Roelants, Oktaaf Duerinckx, Paul Kempeneers, Albert Guilluy, Marcel Bogaerts, Ernest Vandereycken, Eric Saelmaekers, Jan Van Gyseghem en Edouard Boesmans
WÈLLE ZÉN VAN OOWGERE
Luc kreeg een staande ovatie van het publiek (foto) . “Dit is heel overweldigend voor mij, vooral omdat ik met een smoes gelokt werd. Hoegaarden is toch iets speciaals, met een eigen identiteit vooral te danken aan mensen uit het verenigingsleven. We hebben hier een heel actief verenigingsleven dat mensen samenbrengt. We zijn fier van Hoegaardier te zijn. Wèlle zén van Oowgere”.
“Recent zijn we met het Hoegaards dialect en volkslied en de palmprocessie nog opgenomen in de grote verzameling van Vlaams Immaterieel Erfgoed. Ik krijg nu deze oorkonde, maar eigenlijk in naam van iedereen die de Hoegaardse identiteit verdedigt. Belangrijk is dat we dit nu doorgeven aan de komende generaties”, aldus Luc. – HCH
MET DANK AAN : HET NIEUWHUYS, BAKKERIJ SVEN, TIENSE SUIKER, BAKKERIJ HET BROOD, LINGERIE ASTRID, IMMO TIBO, KLASSIEK IN DE KAPEL, DEN VENETIAEN, TENTEN VERBAETEN
HOEGAARDEN – De Totale Waanzin en het Armistis Theatergezelschap hebben er een succesvolle 31ste editie van d’Armistis Konsààr opzitten. Blikvanger was zeker de clip van de titelsong van de jongste CD van de Totale Waanzin ‘Hallo, Owes ést?’, gemaakt door Erik Vanoppen en Luc Vandeplas, met in de hoofdrollen Jan Stuerbout en Nicole Nicolaes. In deze song en clip wordt de vereenzaming van mensen die ouder worden op nostalgische wijze aangekaart.
Bekijk hier de clip, voor wie geen Hoegaards verstaat met Nederlandse ondertiteling.
De beelden beginnen in het park Met Jan en Nicole op wandel, want ze zijn moeten verhuizen naar een appartement in de stad. Maar daar zien ze geen kat. Ze hebben daar ook niets meer te doen. Hun kinderen zijn al lang de deur uit, en ze zien ze alleen bij de feestdagen. Ze wonen ook veraf en hebben geen tijd voor hun ouders. Oude mensen worden eenzaam, en staan de hele dag voor hun venster te staren, wachtend op een bezoek of gewoon voor een praatje.
Ze staan vroeg op, omdat ze het gewoon zijn. Hij leest de hele krant en zij kijkt TV of breit. De meeste van hun vrienden zijn al gestorven, of in het rusthuis. Ze zien ook weinig hun kleinkinderen, maar die missen ze erg. En maar steeds door het venster staren en wuiven naar een mogelijke voorbijganger.
Ze kijken elke dag naar oude foto’s, hij droomt nog van een Chimay Blond op café en van feesten bij de Gepensioneerdenbond, maar dat is allemaal weggevallen, geen sociaal leven meer. Trieste realiteit jammer genoeg voor veel mensen.- HCH
HOEGAARDEN – De 31ste editie van het Armistis Konsààr is weer voorbij en gedurende drie dagen hebben de aanwezigen genoten van de muziek, de sketches, de grappen en de films. De zaal zat telkens afgeladen vol en aan het einde zong iedereen uit volle borst ‘Land van beuj èn biejete’ mee. De Totale Waanzin bracht een selectie van hun nummers. Zo klaagden ze de opgelegde nieuwe eetcultuur aan, en waren er ook verschillende nummers over oud worden, of ziek worden. Hoogtepunt was zeker de clip ‘Hallo Oows ést?, gemaakt door Erik Vanoppen en Luc Vandeplas met Nicole en Jan in de hoofdrollen. Drie dagen lang was er ook en fantastisch publiek in ’t Paenhuys.
Er werd uiteraard ook gezongen over bier, over de bekendste Hoegaardier en gangster in Amerika namelijk Babyface Nelson, over liefde, over Hoegaarden, palmzondag en uiteraard ook over de meisjes van Hoegaarden. Er waren diverse gastoptredens en Chris Michel zong een liedje over ‘Lucky Luc Vandeplas’., toch de man die heel het scenario van den Armistis bedenkt.
In de films kregen we te zien dat dierenartsen zich kunnen vergissen, dat de Paenhuyslift kan toveren, dat politieagenten duidelijke vragen moeten stellen, dat je een dode ezel nog kunt verkopen, dat motohooligans niet altijd respect hebben voor de politie, en dat de pastoors mee zijn met hun tijd, evenals de jongeren.
Bij de live sketches werd aangeklaagd dat geld stelen in een bank niet meer eenvoudig is, dat kinderen schrik hebben om hun schoolmateriaal te verliezen, dat pastoors zich niet zouden moeten moeien met het seksleven van jonge paren, dat een huwelijk niet altijd een sprookje is, of toch, dat sommige mensen heel oud worden, dankzij het drinken van Duvel, dat je best de bril mee in de kist zet van een overledene, dat getrouwde vrouwen niet altijd een voorbeeldig leven leiden, mannen ook niet trouwens, en dat kruiswoordraadsels oplossen niet eenvoudig is. – HCH
OOWGERE – Vanaf merege tot e moïndàg és et Armistis Konsààr in ’t Paanààs. Vajl minse kàwme dowàjne en zulle dus och et oowgeds voleksleujd màjzénge oep et léste. Dàjze kieje gowen ze den tèkst krèège oep de schéreme, zèlefs mé de vertowaléng in et schoewe Vlams. Èn we màwge toch ni vergééjete da dat leujke naa oepgenàwmen és as lokowal èrefgoowd, en dad et och oepgenàwmen és in de groewete verzowameléng van Vlams immateréél èrefgoowd.. Ma ver wèè wil répétàjre, euj nog ins den tèkst, en ge koent et och nog zéng èn uujere oep de filem:
Land van beuj èn biejete
Oowgeren és de nowam
Et beuj èn zenen àjzel
Gowaven et groewete fowam
Derepke an de Gééjet
Vergééjete doown ig oech noewet
Dowen zén wèlle gebàwre
Dowe gowen wèllen och doewed
Dowe zén wèlle gebàwre
Dowe gowen wèllen och doewed
Pas oep, ter és neste wiekènd nog wèl miejer te deng in Oowgere. Zowerterdàg és ter kàràooké Oep de Brug, èn zondàg komt Alnico Wave Generation no de VénéSJaan. Oep 11 novèmber den dàg van d’Armistis és ter och nog van alles te deng. Ge koent gon wandelen oep zeujk no bettelstiejene. – HCH
MET DANK AAN : DEN VENETIAEN, KLASSIEK IN DE KAPEL, IMMO TIBO, LINGERIE ASTRID, BAKKERIJ HET BROOD, TIENSE SUIKER, BAKKERIJ SVEN, HET NIEUWHUYS, TENTEN VERBAETEN
HOEGAARDEN / TIENEN – De Totale Waanzin brengt op 7, 8 en 10 november, telkens om 20 uur in ’t Paenhuys een nieuwe editie van het Armistis Konsààr. Daarin zoals de laatste 10 jaar een hulde en herdenking aan de veel te vroeg overleden accordeonist Guy Puyneers, dankzij de medewerking van Herman Vandermeulen. Maar ook de Hoegaards- Tiense dichter Freek Dumarais wordt in herinnering gebracht. Die trad op bij de eerste Armistis van de Waanzin in 1994. De Totale Waanzin brengt ‘Fàjke Gazét’, een mooi gedicht van de dichter. Het staat op de CD ‘Zot van Oech’ van de Totale Waanzin. Maar was Freek Dumarais nu een Hoegaardier of een Tienenaar? Hij vertelde het zelf tijdens een tentoonstelling in ’t Nieuwhuys in 1977 al.
Freek Dumarais bij een tentoonstelling in 1994
“Vele van mijn mede stadsbewoners denken dat ik een Hoegaardier ben en geen Tienenaar. En toch hebben zij het mis. Ik werd in 1929 in Tienen geboren, en pas vijf jaar later kwam mijn vader met zijn gezin naar Hoegaarden. Ik liep hier school, kende iedere inwoner en zij mij. Hoe kon het ook anders, mijn vader had hier in de Doelstraat een dagbladhandel waar men ook schoolgerief en speelgoed kon kopen. In 1950 werd ik postbode in Hoegaarden, en ik bleef dit tot in 1958 toen ik in Tienen werd benoemd. Meer dan 20 jaar verbleef ik dus in dit bierdorp met kleurrijke figuren als Roeweje Lowie, Fijei, Fret van Rei Boenjaen, majoor Vanmol, Sjaal Vos en Jein Prouw”, aldus Felix Vandebroek.
FREEK DUMARAIS
Freek Dumarais, was zijn artiestennaam afgeleid van Felix Vandebroek. Aangezien een broek een moerasgebied is, lag zijn artiestennaam voor de hand. In 1994 trad Freek Dumarais op tijdens de eerst revue van De Totale Waanzin. ‘Fàjke Gazét ’, is een lied aan hem gewijd. Het refrein kan iedereen meezingen: ‘Ploewejd is e boeïke van papeuj, zét et in de gàwt, èn et vééjed ewèg, wèèd van euj, iejel wèèd van euj’.
Freek Dumarais was de zoon van Bare Gazet, de krantenverkoper uit de Doelstraat, vandaar Fàjke van de Gazétteman. Freek werd bekend als volksdichter, die wel in Nederland werd gevraagd maar bekendheid verwierf door zijn wekelijks gedichten in de Publipers. Hij was postbode in Tienen van beroep en had de reputatie de beste inspiratie ‘van de straat’ op te rapen. Zijn literaire ervaring deelde hij in de stadsbibliotheek in Tienen, als hulpbibliothecaris.
In 1994 had hij nog een grote tentoonstelling van zijn collages in zijn eigen stad Tienen (zie krantenknipsel- foto). Hij werd geboren in 1929 en overleed in 2001. – HCH